NOOIT AFSCHEID

Deze week ruimden wij als familie ons ouderlijk huis leeg. Er ging veel door ons heen. Afscheid op afscheid namen we. Onze moeder leeft nog- hoewel dement en in het klein. Maar zij is!
 
Ik gaf Hem mijn tranen. En bedacht dat wij zo zouden mogen leven dat we – hoewel we emotioneel gehecht zijn aan mensen en plaatsen en spullen- toch niet gehecht zijn
dan slechts aan de Allerhoogste.
 
En tegelijk zo gehecht aan het aardse dat we er vol verwondering van genieten. We hébben elkaar nog (te leen). Gekregen uit genade.
 
Afscheid gaat vergezeld met pijn. Wat mij troost is mijn God.
 
In Jezus is Hij mijn Mens.
Mijn Vader- mijn eeuwig thuis en blijvend goed. Wij zúllen Hem nooit verliezen. Niets van Zijn werk raakt in verval. De Geest in ons vergeet niets
en verliest het leven niet.

En afscheid van Hem?
Dat komt er nooit.