ONDERWORPEN

Is het moeilijk om nederig te zijn?
De oude mens vindt van wel. Ook om het leven over te geven. 
Losláten wordt gezegd en ook veel geschreven. Tijdschriften vol.  

Maar dat is niet zo. Er wordt niets losgelaten want alles is in Gods hand.
Laat Hij ooit iets los? Iemand van ons?

Voortreffelijk Jezus. Hij is er. Levend en wel.

Alles is Zijn ontwerp. Alles.

Er is niets van ons bij. Waar past dan trots?
Is er iets wat wij niet ontvangen hebben?

Al onze goede ideeën zijn de Zijne. Ook goede werken zijn de Zijne. 
Alles wat liefde was en liefde baarde kwam uit Zijn hart. 

Want alles is Hém onderworpen.

Je relaties en daarmee dierbaren.

Je lichaam en daarmee gezondheid en verstand.
Je banksaldo en daarmee  geldzaken.
En dit alles onderwerpt Hij aan Zichzelf. Wij zien het echter nog niet.

Juist omdat niets van ons zelf is wordt het mogelijk deze zaken over te geven. 

Hebr. 2:8 

WAT U MAAR WILT!

Joh.15:7b en 16b
Vraag wat u maar wilt. 

Wat U maar wilt, Jezus!

Een dankbaar
gebed. 
Respons op de 
gave.
 
Het mógen vragen.
 Wat wij maar willen.
Dat is: wat Hij 
maar wil.

Nu draait alles om.

Vragend wórdt geen kind
overgeslagen.
Vraag Hem 
het Zijne.
Om liefde
om geduld.
Om de wijsheid
en de Geest.
Jezus is dit alles voor
ons geworden opdat wij te midden van 
pijn en een lijdende wereld ons 
een weg mogen banen.
 – Hém te banen-
Jezus.
Om Wie alles
gaat.   

 

EERLIJK VERDIEND

God doet wat Hij belooft. Niet omdat wij dat verdiend hebben. O amen. Nee. 
Wel omdat Hij trouw is. Zeer stabiel in ja zeggen en ja doen. 

Eéns deed Hij niet wat Hij zou moeten doen. -Wat moet Hij eigenlijk?- 
God gaf Zijn Jezus. Dat wilde Hij zo. Goed nieuws wat niet veroudert. 

God doet ons niet naar onze zonden. Psalm 103: 10. Wat Hij zou moeten doen is straf geven. Met naam en toenaam de eeuwige straf in de hel. Omdat wij dat verdiend hebben. 

Toch doet Hij dat niet. Te danken aan Jezus Christus. Onze ongerechtigheden. Zij zijn Hém vergolden in onze plaats. Alsof onze zonden de Zijne zijn! Hij droeg ze. Werd ervoor gestraft. Zo deed Hij wat wij hadden moeten doen. Dit blijft het wonder. Onverdiend als het is. Wees vurig van Geest en dien de HEER. 

Wie nog dorst heeft kome. 

Of heb je angst voor God? Dat kan omdat je Hem niet ként. Onbekend onbemind. 
Je beeld is bewogen. Lees de Bijbel. Wat zegt Hij over Zichzelf? Zoals Hij zegt is Hij. 
God is goed. Vrees niet. 

Als je leven nog te redden is – en dat is het- vlucht. Je moet bij Jezus zijn. En blijven. 

Dit is het Evangelie. Een andere weg ken ik niet. Uitverkiezing? Dat is van de hemel. Blijf er eerbiedig af. Geopenbaarde dingen zijn voor de mens. Het kruis van Jezus is openbaar. Ga tot God en wordt behouden.

Nee niet verdiend. Hij verdient iets. Eerlijk. De hoogste lof. 
Uitnemend is Zijn offer. Uiterst kostbaar is Zijn bloed.

ZEKER WETEN

Nogmaals mijn Prediker. Blijde levensgezel. Weet je- ik ken de woorden in mn hart omdat mijn moeder ons er altijd uit voorlas als we brood gegeten hadden. Die Prediker heeft het laatste woord. 

Denk aan je Schepper! (In plaats van aan jezelf) Vrees jij God! ( In plaats van een mens)

Levend moeten wij ons levenseinde maar ter harte nemen. 7:12 Niet om somber van te worden. Goed om te weten dat we in een graf eindigen. Relativerend met het oog op onze spulletjes- bankrekening- liefde en haat. Zo belangrijk is het niet. Of wel? Doe maar wat je hand vindt om te doen- want je bent op weg naar het graf. 9:10

Wees blij met wat je hebt. Je werk. Een huwelijk. Eet. Drink. Geniet. Het is Gods gave.

Alle zorgen en verdriet en beslommeringen om ze zo maar te noemen zijn in de hand van onze Vader. 9:1 Dat is een rijke troost in elke vorm van gebroken pijn. Het is de aarde- en we zullen het met een gebroken aarde moeten doen, maar wel tijdelijk. Er komt nog een hemel en die houdt maar niet op. 

Creëer oases in de hectiek van de tijd. Want beter is een handvol rust dan twee vuisten vol werk en najagen van ‘hébél (damp der dampen) . 4:6

Heerlijk die handvol rust. Want als de stilte ons omhult ontdekken wij wie God wil zijn in onze gebrokenheid. Hij wil een bron van wijsheid zijn over onze dwaasheid. Een bron van leven in onze dood. Een licht in de duisternis. Wij zullen zijn werk nooit kunnen doorgronden-  een ontspannen overgave. 8:16,17 

Hij weet wel wat goed is. Hij doet het goed. En er is nóg iets. Hoewel wij Hem niet kunnen doorgronden- toch weet ik! – dat het ook goed zal gaan met wie Hem vreest. 8:12

Laat dat maar zeker weten zijn. Het raakt mij zo. Ik ga door dalen- en door treurende diepten. Ik weet niet waarom ik zoveel liefde heb ervaren. Dit als een afgesloten boek moet beschouwen. Waar ik nog zoveel in had willen schrijven, zeggen en uit wilde leggen. Maar de HEER leeft en Zijn naam prijs ik. Want wij zullen leven. 

Dus schrijf ik. In welke moeite je je ook bevindt: Hij weet ervan. Is dat niet genoeg? God kent je van binnenuit. Vrees Hem. Het zal je goed gaan.

Blijdschap wil jouw metgezel zijn.8:15 

Verblijd je alle dagen. Juist omdat je weet dat er nog duisternis komt. 11:7,8 En áls die komt of er al is; rouw/verdriet/pijn/ziekten/armoede/ het zal verdampen.

Wij zullen Jezus zien en stralend onophoudelijk. Zeker weten! 

Dat zal niet vluchtig zijn. Er zal geen damp meer zijn. Daar is licht. Er is hoop. Geef het door aan je medemens. Want ook zij zijn op weg. En óók naar het graf. 

GODS LEVEN GENIETEN

Als ik deze tijd moet geloven draait alles om mij. 

Hoe voel ik mij, wat wil ik nog en waar liggen de grenzen of zijn er geen grenzen?
Waar groei ik in, altijd ben ik er en is mijn ego in ontwikkeling. 2015.

Of -terwijl er een christelijke draai aan wordt gegeven- leef ik wel mindfull in het hier en nu? En geniet ik wel comfortabel en volledig omdat God het zo –voor mij– bedoeld heeft?

Genieten wel. Maar niet óm mij lees ik in mijn Prediker. Als levenswijsheid die God al lang gegeven heeft en die de tand van de tijd heeft doorstaan. Hem geloof ik graag.

Wat van belang is: Vrees God en houd Zijn geboden. Prediker 12:13 Ontzagwekkend. Het gaat om de liefde. Dus om de ander. Gaat het dan niet om mij? Ja in de zin dat ik voor mijzelf zorgend, de ander bedeel met Hém.

In Filippenzen 2:3a en 4 staat het zo duidelijk. Niet slechts om mijn belang, (het doet wel mee) juist ook lettend op dat van mijn ander. Daar is geen ruimte voor een wegcijferen van je persoonlijkheid. Tegelijk is er geen ruimte voor het slechts denken aan jezelf, met een gooi naar Salomo die zegt dat wij van het leven moeten genieten.  

Met het oog op God kunnen wij inderdaad Zijn leven genieten. Hij geeft het ons en houdt van ons. In de mens een welgevallen! Wij die leven op Zijn kosten vinden vreugde in Jezus en willen alles wat wij doen van harte doen.

Zo mogen we blij de weg vervolgen. Genietend van God. Dienstbaar aan anderen. 
Jezus verklaart ons zalig als wij dat doen. Joh.13:17